Corporate Law Image

Maatschappelijk verantwoord ondernemen: van vrijwillig naar verplicht

Maatschappelijk verantwoord ondernemen was lang een keuze. Dat is het niet meer. Een deel van het MVO-kader is inmiddels bindend recht: duurzaamheidsverslaggeving, duurzaamheidsclaims richting consumenten en, vanaf 2029, gepaste zorgvuldigheid in de keten. Een ander deel blijft zelfregulering, maar werkt door in contracten, financiering en aansprakelijkheid. Voor bestuurders is de vraag daarom niet langer of zij aan MVO doen, maar of zij kunnen aantonen dat zij het zorgvuldig hebben gedaan.

Het korte antwoord

MVO is in 2026 een gelaagd begrip. De OESO-richtlijnen, de UN Guiding Principles en ISO 26000 zijn nog steeds niet afdwingbaar via de rechter. Zij zijn wel de maatstaf geworden waarnaar wetgeving verwijst.

Hard recht is inmiddels de CSRD voor grote ondernemingen. Ook de taxonomieverordening, de SFDR en de nieuwe regels tegen misleidende duurzaamheidsclaims zijn bindend. De CSDDD volgt later, en alleen voor zeer grote ondernemingen.

Valt u buiten die drempels? Dan raakt MVO u alsnog. Via uw afnemers, uw bank en uw contracten.

Wat is MVO juridisch gezien?

MVO heeft geen wettelijke definitie. In de praktijk gaat het om het meewegen van de gevolgen van uw bedrijfsvoering voor mens en milieu, naast het financiële resultaat.

Juridisch valt MVO uiteen in drie categorieën. Ten eerste normen die u vrijwillig aanvaardt. Ten tweede normen die de wet u oplegt. Ten derde normen die via de open normen van het privaatrecht binnenkomen, zoals de maatschappelijke zorgvuldigheid.

Die derde categorie wordt vaak onderschat. Een vrijwillige standaard die u publiek onderschrijft, kan uw eigen zorgvuldigheidsnorm invullen.

Wij staan altijd klaar voor onze cliënten

Law & More heeft de beschikking over een toegewijd team van meertalige advocaten

MVO standaarden

De vrijwillige instrumenten

Drie internationale kaders bepalen nog altijd de inhoud van het MVO-begrip.

  • De OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen, laatstelijk herzien in 2023. Zij behandelen onder meer mensenrechten, arbeid, milieu, corruptie, consumentenbelangen en belastingen. Naleving is vrijwillig, maar belanghebbenden kunnen een melding doen bij het Nationaal Contactpunt.
  • De UN Guiding Principles on Business and Human Rights uit 2011. Zij bevatten het bekende drieluik: de plicht van staten om te beschermen, de verantwoordelijkheid van ondernemingen om te respecteren, en toegang tot herstel.
  • ISO 26000. Dit is een handreiking voor maatschappelijke verantwoordelijkheid en geen certificeerbare norm.

Deze instrumenten zijn geen dode letter. De taxonomieverordening verwijst voor haar minimumgaranties uitdrukkelijk naar de OESO-richtlijnen en de UN Guiding Principles. Daarmee zijn vrijwillige normen onderdeel geworden van een verordening.

Wat inmiddels wet is

Onderstaand overzicht geeft de stand van zaken op 20 september 2026.

InstrumentKarakterGeldt voorVanaf
OESO-richtlijnen (versie 2023)Zelfregulering, met klachtprocedure bij het NCPMultinationale ondernemingenDoorlopend
UN Guiding PrinciplesZelfreguleringAlle ondernemingen2011
ISO 26000Handreiking, niet certificeerbaarVrijwillig2010
CSRD, Richtlijn (EU) 2022/2464WetMeer dan 1.000 werknemers en meer dan 450 miljoen euro netto-omzetBoekjaren vanaf 1 januari 2027
Taxonomieverordening (EU) 2020/852Wet, rechtstreeks werkendOndernemingen binnen de CSRD-scopeDoorlopend
SFDR, Verordening (EU) 2019/2088Wet, rechtstreeks werkendFinanciële marktdeelnemers en adviseurs2021
EmpCo-richtlijn (EU) 2024/825Wet, via het Burgerlijk WetboekOndernemingen die consumenten benaderen27 september 2026
CSDDD, Richtlijn (EU) 2024/1760Wet, nog om te zettenMeer dan 5.000 werknemers en 1,5 miljard euro wereldwijde omzetToepassing vanaf 26 juli 2029

Het Omnibus I-pakket is in maart 2026 in werking getreden. Het heeft de CSRD fors versoepeld en de CSDDD sterk ingeperkt. De verplichting om een klimaattransitieplan op te stellen is uit de CSDDD geschrapt. De civiele aansprakelijkheid is teruggelegd bij het nationale recht van de lidstaten.

Nederland: wat geldt er nationaal?

De Wet zorgplicht kinderarbeid is in 2019 in het Staatsblad geplaatst, maar nooit in werking getreden. Het kabinet heeft het voornemen deze wet in te trekken, omdat de kern ervan terugkeert in de CSDDD.

De Nederlandse implementatie van de gewijzigde CSRD moet uiterlijk 19 maart 2027 rond zijn. Het wetsvoorstel daarvoor is nog in behandeling.

MVO verslaggeving

MVO-beleid en de taak van het bestuur

Het bestuur richt zich op het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. Dat volgt uit artikel 2:129 lid 5 en artikel 2:239 lid 5 BW. Voor commissarissen geldt hetzelfde uitgangspunt.

Dat belang is ruimer dan winst op korte termijn. Continuïteit, reputatie en de belangen van werknemers, afnemers en omwonenden horen erbij. MVO-beleid is daarmee geen randverschijnsel, maar onderdeel van behoorlijke taakvervulling in de zin van artikel 2:9 BW.

Voor beursvennootschappen komt daar de Corporate Governance Code bij. Die eist een visie op duurzame langetermijnwaardecreatie en verantwoording daarover in het bestuursverslag.

Waar MVO en aansprakelijkheid elkaar raken

Aansprakelijkheid ontstaat zelden rechtstreeks uit een vrijwillige standaard. Zij ontstaat langs drie routes.

  1. Onrechtmatige daad. De maatschappelijke zorgvuldigheid van artikel 6:162 BW kan worden ingevuld met internationale normen. Het gerechtshof Den Haag oordeelde in november 2024 in de zaak Milieudefensie tegen Shell. Op een onderneming rust een zorgplicht om haar uitstoot te beperken. Een concreet reductiepercentage wees het hof af. De zaak ligt nu bij de Hoge Raad en een eindoordeel is er nog niet.
  2. Misleiding. Een onjuiste duurzaamheidsclaim is een oneerlijke handelspraktijk. De EmpCo-richtlijn scherpt dat per 27 september 2026 verder aan. De ACM houdt toezicht.
  3. Interne aansprakelijkheid. Een bestuurder die verslaggevingsverplichtingen verwaarloost, loopt risico op grond van artikel 2:9 BW en, in faillissement, artikel 2:138 en 2:248 BW.

Let ook op uw contracten. Duurzaamheidsclausules in leveringsovereenkomsten en financieringsdocumentatie zijn gewoon afdwingbaar. Een toezegging die u vrijwillig doet, wordt bindend zodra u haar contractueel vastlegt.

Vrijwillig karakter

Wat u nu kunt doen

  • Stel vast of u binnen de CSRD-drempels valt. Beide criteria moeten zijn gehaald.
  • Controleer welke duurzaamheidsclausules al in uw contracten staan.
  • Toets uw publieke claims aan de nieuwe regels voor duurzaamheidsclaims.
  • Leg besluitvorming over duurzaamheidsthema’s vast in notulen. Dat is uw bewijs van zorgvuldigheid.
  • Bepaal welke vrijwillige standaarden u onderschrijft, en houd u daar dan ook aan.

Veelgestelde vragen

Is MVO verplicht voor mijn onderneming?
Deels. De rapportageverplichtingen gelden alleen boven de drempels. De regels over duurzaamheidsclaims gelden voor iedere onderneming die consumenten benadert, ongeacht omvang.

Mijn afnemer eist uitgebreide duurzaamheidsdata. Moet ik die leveren?
Niet onbeperkt. Heeft uw onderneming gemiddeld niet meer dan 1.000 werknemers, dan mag niet meer worden gevraagd dan de vrijwillige rapportagestandaard voor het mkb, de VSME. Een contractsbepaling die verder gaat, is niet afdwingbaar.

Kan een bestuurder persoonlijk aansprakelijk zijn voor een MVO-tekortkoming?
Dat kan, maar de drempel is hoog. Vereist is een ernstig verwijt. Structureel negeren van wettelijke verslaggevings- of zorgvuldigheidsplichten kan dat verwijt opleveren.

Wilt u weten welke verplichtingen concreet op uw onderneming rusten? De advocaten van Law & More in Eindhoven en Amsterdam denken graag met u mee. Neem gerust contact met ons op.

Wilt u weten wat Law & More als advocatenkantoor voor u kan betekenen?
Neem dan telefonisch contact op via +31 40 369 06 80 of ga naar de contact pagina voor meer informatie:

Duurzaamheidsrecht