Aanvullende gedelegeerde handeling voor gas- en nucleaire activiteiten inzake

Gas en kernenergie in de EU-taxonomie: de aanvullende gedelegeerde handeling

In 2022 heeft de Europese Commissie bepaalde activiteiten met aardgas en kernenergie onder voorwaarden opgenomen in de EU-taxonomie. Dat gebeurde niet via een wijziging van de Taxonomieverordening zelf, maar via een aanvullende gedelegeerde handeling. Die keuze bepaalt zowel de inhoud als de procedures die erop volgden. Het Gerecht van de Europese Unie heeft de handeling op 10 september 2025 in stand gelaten. Dit stuk behandelt het instrument: wat het is, welke voorwaarden gelden en welke rechtsgang is gevolgd.

Het korte antwoord

  • De aanvullende handeling is Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/1214 van 9 maart 2022. Zij is gepubliceerd op 15 juli 2022 en van toepassing sinds 1 januari 2023.
  • Zij wijzigt twee bestaande gedelegeerde verordeningen: die met de klimaatcriteria en die met de openbaarmakingsregels.
  • Gas en kernenergie tellen alleen mee onder strikte, in de tijd begrensde voorwaarden.
  • Ondernemingen en financiele partijen moeten deze activiteiten apart zichtbaar maken in hun rapportage.
  • Oostenrijk vocht de handeling aan bij het Gerecht. Dat beroep is op 10 september 2025 verworpen.

Wat een gedelegeerde handeling is

De Taxonomieverordening bevat het systeem, niet de techniek. Zij benoemt zes milieudoelstellingen en stelt in artikel 3 vier eisen aan een ecologisch duurzame activiteit. De activiteit moet substantieel bijdragen aan ten minste een doelstelling en geen ernstige afbreuk doen aan de andere. Daarnaast gelden minimumwaarborgen op sociaal gebied en technische screeningcriteria.

Die technische screeningcriteria stelt de Commissie vast in gedelegeerde handelingen. Dat is een vorm van gedelegeerde wetgeving. Het Parlement en de Raad hebben geen recht van amendement, maar wel een recht van bezwaar binnen een termijn. Maken zij daar geen gebruik van, dan treedt de handeling in werking.

Precies dat mechanisme verklaart de politieke spanning. Een omstreden keuze werd zo langs de normale wetgevingsprocedure geleid. Meer over het stelsel zelf leest u bij de taxonomieverordening.

Wat de handeling regelt

Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/1214 voegt zes activiteiten toe aan de klimaatcriteria. Drie daarvan betreffen kernenergie, drie betreffen fossiel gas.

Bij kernenergie gaat het om onderzoek en ontwikkeling van geavanceerde technologie, om nieuwbouw van installaties, en om levensduurverlenging van bestaande installaties. Bij gas gaat het om elektriciteitsopwekking, om hoogrenderende warmtekrachtkoppeling, en om warmteopwekking in stadsverwarming.

Deze activiteiten zijn opgenomen als transitieactiviteiten. Dat is een aparte categorie in de Taxonomieverordening voor activiteiten waarvoor nog geen koolstofarm alternatief beschikbaar is. Transitieactiviteiten zijn per definitie tijdelijk en aan strengere voorwaarden gebonden.

De voorwaarden

De handeling bevat geen algemene goedkeuring. Zij bevat een reeks cumulatieve eisen.

Onderwerp Voorwaarde
Emissies gas Directe broeikasgasemissies onder 270 gram CO2-equivalent per kilowattuur, of een alternatieve grens uitgedrukt in kilogram per kilowatt over twintig jaar
Vervanging De installatie vervangt een bestaande installatie op vaste of vloeibare fossiele brandstof
Alternatief Aangetoond moet zijn dat hernieuwbare capaciteit niet in voldoende mate beschikbaar is
Omschakeling Verbintenis tot overschakeling op hernieuwbare of koolstofarme gassen
Kernafval Operationele eindberging voor laag- en middelactief afval, en een plan voor hoogactief afval
Fondsvorming Afzonderlijke fondsen voor afvalbeheer en ontmanteling
Brandstof Gebruik van ongevalbestendige splijtstof
Termijnen Bouwvergunning voor nieuwe kerncentrales uiterlijk in 2045; vergunning voor levensduurverlenging uiterlijk in 2040

Elke voorwaarde moet afzonderlijk worden aangetoond, met verificatie door een onafhankelijke derde. In de praktijk is dit een zware bewijslast. Opname in de taxonomie zegt bovendien niets over de vraag of een project vergunbaar is. Daarvoor geldt het nationale omgevingsrecht onverkort. Zie omgevingsrecht.

Aparte openbaarmaking

De handeling wijzigt ook de openbaarmakingsverordening. Ondernemingen en financiele marktdeelnemers moeten aangeven in welke mate hun activiteiten of producten betrekking hebben op gas en kernenergie.

Daarvoor gelden specifieke modellen. De gedachte erachter is transparantie: wie taxonomiecijfers presenteert, moet zichtbaar maken welk deel daarvan uit deze twee bronnen komt. Zo kan de lezer zelf beoordelen wat de cijfers waard zijn.

Sinds het Omnibus I-pakket in maart 2026 in werking trad, is de rapportageplicht voor een deel van de ondernemingen vervallen of vrijwillig geworden. De specifieke openbaarmaking over gas en kernenergie blijft gelden voor wie wel rapporteert.

Waarom de route omstreden was

De juridische kritiek richtte zich niet op de wenselijkheid van gas of kernenergie, maar op de gekozen constructie. Drie bezwaren keerden telkens terug.

Het eerste betrof de reikwijdte van de delegatie. Critici stelden dat een keuze van deze politieke zwaarte in de verordening zelf thuishoort, niet in een technische uitwerking.

Het tweede betrof het beginsel van geen ernstige afbreuk. Bij kernenergie gaat het daarbij vooral om langdurige berging van radioactief afval. Bij gas gaat het om blijvende uitstoot gedurende de levensduur van de installatie.

Het derde betrof de samenhang van het stelsel. Een taxonomie ontleent haar waarde aan een strikte afbakening. Elke uitzondering vermindert de onderscheidende werking van het instrument.

Het Gerecht heeft deze bezwaren beoordeeld en verworpen. Daarmee is de discussie juridisch beslecht, niet inhoudelijk.

De juridische procedures

Tegen de handeling is langs twee lijnen actie ondernomen.

De eerste lijn was politiek. Het Europees Parlement stemde in juli 2022 over een bezwaar tegen de gedelegeerde handeling. Voor verwerping was een meerderheid van de leden nodig. Die meerderheid werd niet gehaald, waardoor de handeling in werking trad.

De tweede lijn was gerechtelijk. Oostenrijk stelde bij het Gerecht van de Europese Unie beroep tot nietigverklaring in. Die zaak is bekend als zaak T-625/22.

Op 10 september 2025 heeft het Gerecht, in grote kamer, het beroep verworpen. Het oordeelde dat de Commissie binnen de grenzen van haar gedelegeerde bevoegdheid is gebleven. Volgens het Gerecht kunnen bepaalde activiteiten in de kernenergie- en gassector onder specifieke voorwaarden substantieel bijdragen aan mitigatie van en aanpassing aan klimaatverandering. Een aantal bezwaren van Oostenrijk, onder meer over ongevalsrisico’s, achtte het Gerecht te speculatief.

Tegen een uitspraak van het Gerecht staat hogere voorziening open bij het Hof van Justitie, beperkt tot rechtsvragen. De termijn daarvoor bedraagt twee maanden en tien dagen.

Wat dit betekent

Voor de praktijk zijn drie conclusies van belang.

  1. De handeling is geldig en geldt. Wie rapporteert, past de criteria en de aparte openbaarmaking toe.
  2. De voorwaarden zijn strikt en aflopend. Opname in de taxonomie is geen blijvende kwalificatie.
  3. Het geschil over het instrument is juridisch beslecht, maar het debat over de beleggingskant niet. Dat behandelen wij apart.

Veelgestelde vragen

Zijn gas en kernenergie nu groen verklaard?
Nee. Zij zijn onder strikte voorwaarden opgenomen als transitieactiviteit. Dat is een tijdelijke categorie, geen algemene kwalificatie.

Kan de handeling alsnog vervallen?
Het Gerecht heeft het beroep verworpen. Wijziging kan verder alleen via een nieuwe gedelegeerde handeling of via aanpassing van de verordening.

Geldt de taxonomie ook voor niet-beursgenoteerde ondernemingen?
Alleen als zij onder de rapportageverplichtingen vallen. Na Omnibus I is die groep aanzienlijk kleiner geworden.

Heeft u vragen over taxonomiecriteria, openbaarmaking of de gevolgen van Omnibus I? Neem contact op met Law & More. Wij beoordelen uw verplichtingen en de onderbouwing van uw cijfers.

Duurzaamheidsrecht